
De ‘Fabrica’ van Vesalius, grondlegger van de moderne anatomie
Met zijn anatomische atlas zorgde alumnus Andreas Vesalius in 1543 voor een wetenschappelijke omwenteling van het kaliber van Copernicus’ heliocentrisme.
Amper vijftien was Andries van Wesele toen hij in 1530 begon aan de basisopleiding aan de Artesfaculteit. Vermoedelijk volgde hij ook lessen aan het vermaarde Collegium Trilingue, dat studenten niet enkel de klassieke talen bijbracht maar ook een humanistische vorming gaf.
Tijdens zijn medische opleiding nadien, in Parijs, raakte Vesalius gefascineerd door anatomie, op dat moment een verwaarloosde wetenschap. Omdat er maar zelden een dissectie bij te wonen viel, legde hij zich toe op het ontleden van dieren – dood of levend – en het bestuderen van botten die hij vond in de Parijse knekelvelden.
Op dat moment was was de meest gezaghebbende medische bron al bijna vijftienhonderd jaar het werk van de Griekse arts Galenus, vertelt Tinne Claes, historica en curator van het Vesaliusmuseum dat in de steigers staat: “Daar las de hoogleraar anatomie uit voor, vanop zijn spreekgestoelte. Een paar treetjes lager voerde een barbier het snijwerk uit. Als er iets in tegenspraak leek te zijn met de tekst, was de conclusie dat er iets mankeerde aan het lichaam.”
Lees meer op stories.kuleuven.be »
