“We nemen een nieuwe start, with a bang”

09 dec 2020

De faculteit Letteren schrijft een baanbrekend, volgend hoofdstuk in de geschiedenis van haar alumniwerking. Ze wil de band met haar afgestudeerden nog versterken door hen op te nemen in een grotere, inspirerende community. Tegelijk blijft er ruimte voor specifieke kringen met hun gespecialiseerde tijdschriften, meertalige buffetten en samoerai-sessies.

Liesbet Heyvaert: “Sommige van onze ideeën zijn nog pril, maar de ambitie is er absoluut”

“Meer dan 100 alumni kwamen op onze recentste jobbeurs aan studenten vertellen in wat een diversiteit aan functies ze met hun diploma Letteren zijn beland. Ook wij als faculteit beseffen daardoor ten volle hoe breed onze afgestudeerden aan de slag zijn, en tegelijk zien we hen genieten van terug zijn op de campus en van onderling netwerken. Er gaat zo’n kracht van dit soort bijeenkomsten uit dat ik er altijd graag bij ben”, glimlacht professor Liesbet Heyvaert, vicedecaan onderwijs en aldus bevoegd voor alumnibeleid.

“Het is maar een van de vele zinvolle manieren waarop alumni al jaren bottom-up bij onze faculteit betrokken zijn. Ze nemen ook een ambassadeursrol op, want ze dragen ons aanbod en onze maatschappelijke relevantie mee uit. Verder krijgen ze een stem in onze onderwijscommissies, want dit zijn mensen die onze opleidingen een warm hart toedragen, maar tegelijk kritisch durven te zijn. Alumni namen in 2017 massaal deel aan een grootschalig onderzoek waarin we hen vroegen welke hier verworven vaardigheden ze hadden meegenomen naar het werkveld en wat ze eventueel hadden gemist. Hun interessante inzichten blijven het onderwijsbeleid inspireren. Sommigen oud-studenten begeleiden mee masterproeven, en reiken onderzoeksvragen aan. In heel wat opleidingen zijn ze graag geziene gastsprekers.”

“Ik hoefde dus absoluut niet meer overtuigd te worden van de waarde van alumni toen we in 2019 begonnen met de hervorming van onze facultaire alumniwerking. We ondertekenden toen een formeel samenwerkingsakkoord met KU Leuven en de centrale vzw Alumni Lovanienses om mee te werken aan een nieuwe vorm van community building, waarbij alle afgestudeerden van onze universiteit automatisch én gratis deel gaan uitmaken van de alumnigemeenschap.”

“Voor de faculteit Letteren vormde het de perfecte aanleiding om een nieuw facultair beleid op dat vlak uit te stippelen. Daarbij willen we nog meer investeren in een inspirerende, intellectuele en maatschappelijk betrokken community van afgestudeerden. We richtten een stuurgroep op die intussen duidelijke ideeën heeft over hoe we op basis van onze gedeelde interesses dingen kunnen organiseren. De ideeën zijn nog pril, maar de ambitie is er absoluut. We leggen uiteraard ook ons oor te luisteren bij de alumni zelf. Het mag nooit eenrichtingsverkeer worden.”

Kansen voor de jongste generatie

Een belangrijk hefboom noemt Heyvaert de komst van KU Leuven Connect, het online platform dat de meer dan 300.000 alumni van deze alma mater wil verbinden. “Het zal het alumnibeleid meteen een pak dynamischer maken en ons toelaten nog gerichter te communiceren over ons aanbod. Dat willen we in de toekomst extra aantrekkelijk maken, door bijvoorbeeld events te organiseren waarbij we de expertise van onze docenten inzetten. Concreet denken we eraan hen goed onderbouwde inleidingen te laten geven bij een tentoonstellings- of concertbezoek.”

“Nog een prioriteit voor onze stuurgroep is een doordacht doelgroepenbeleid op drie fronten. Ten eerste willen we de werking voor leerkrachten nog versterken. Zij kunnen talent spotten bij hun leerlingen en hen warm maken voor onze opleiding. Wij bieden hen graag een extra uitgebouwd nascholingsaanbod en houden hen op de hoogte van aanpassingen in onze curricula. Ten tweede hopen we onze ABAP-collega’s, het assisterend en academisch personeel, van de onzekerheid af te helpen die ze vaak voelen als ze bijvoorbeeld na een doctoraat het werkveld verkennen. We willen aan hun noden tegemoetkomen met testimonials van collega’s die het hen voordeden en een netwerkevent. Ten derde willen we de internationale alumni beter bereiken door de docenten van onze Engelstalige opleidingen de kans te geven hun eigen Connect-pagina vorm te geven en/of hen een specifieke nieuwsbrief bezorgen.”

“Het laatste waar we nieuwe ideeën rond hebben, is fondsenwerving. Daarbij willen we onze alumni heel duidelijk aanspreken op hun maatschappelijke engagement. We verwachten niet dat ze per se grote giften doen en we zijn niet van plan er grote infrastructuurwerken mee te financieren, nee, we vragen hun steun voor bescheiden, relevante projecten. Concreet denken we aan fondsen voor een lezingenreeks waarin we onze studenten nog meer dan we nu al doen inwijden in diversiteit en interculturaliteit, of tuiton wavers die drempels wegnemen voor studenten die het financieel moeilijk hebben. Als je zelf Letteren-student bent geweest, vind je het allicht toch belangrijk dat de huidige generatie dezelfde kansen krijgt?”

Feest met writer-in-residence

“Al die nieuwe plannen sluiten onze bestaande bottom-upinitiatieven niet uit, integendeel, die willen we blijven koesteren en zelfs faciliteren. Ook met onze elf opleidingsspecifieke kringen zijn we in gesprek. Een heel aantal worstelde al jaren met een ledenaantal dat bleef slinken en laat zich vanaf nu liever ondersteunen door de nieuwe, facultaire alumniwerking. Concreet heb ik het over ATL, de koepelvereniging voor alumni Taal- en Letterkunde Leuven; Brutaler voor Letteren-alumni van KU Leuven campus Brussel en het vroegere VLEKHO, de UFSAL, de Hogeschool voor Wetenschap & Kunst, de KUB en HUB; de Germanistenvereniging; Leukam voor Leuvense kunsthistorici, archeologen en musicologen; en VOSTOK voor Alumni Slavistiek en Oost-Europakunde.”

“Anderen, die verderop in dit artikel aan bod komen, blijven hun eigen activiteiten organiseren, maar zullen daarover communiceren op KU Leuven Connect en schrijven zich op die manier in in ons grotere, facultaire verhaal.”

“Of deze hele operatie zal slagen, hangt van vele factoren af, maar ons team staat alvast te popelen om van start te gaan. Aanvankelijk wilden we dat volgend voorjaar doen, maar de kans is te groot dat het dan op een lightversie uitdraait. Daarom plannen we nu een najaarsevent, waar we live een feestelijke start nemen. We hopen daar ook onze writer-in-residence Saskia De Coster bij te kunnen betrekken. We beginnen aan iets nieuws en doen dat het liefst with a bang.”

Germanisten: Freek Van de Velde: “Alumnivrijwilligers werken niet langer gebalkaniseerd, maar schouder aan schouder”

“Ik voel me als de harpoenier in Moby Dick”, zegt Freek Van de Velde. “Ik zie het schip zinken, maar tegelijk besef ik wat een voorrecht het was om op een buitengewoon interessante uitkijkpost te hebben mogen staan. Het was een hele eer om achttien jaar bestuurslid, waarvan twee als voorzitter, te mogen zijn van de Germanistenvereniging. Die strandt nu, op een zucht van haar honderdjarig bestaan, omdat ze opgaat in de nieuwe facultaire alumniwerking, maar dat betekent niet dat ik samen met de andere 700 leden niet dat stukje collectief verleden in het hart kan blijven dragen.”

“Wat in elk geval nooit zal verdwijnen, zijn de allerbeste herinneringen die ik aan de Germanistenvereniging heb, bijvoorbeeld aan het tijdschrift dat we twee keer per jaar uitbrachten. Veel andere kringen hebben weleens moeite om genoeg kopij te verzamelen, maar wij lieten studenten uit de opleiding Bedrijfscommunicatie, Taal- & Letterkunde en later Journalistiek op onze campus in Brussel oud-germanisten interviewen. Zo kreeg je een caleidoscoop aan verhalen van alumni die soms op de gekste plaatsen zijn terechtgekomen. Al die interviews blijven beschikbaar op onze website, waar ook verslagen van uitstappen of foto’s van licht beschonken studiegenoten deel blijven uitmaken van ons rijk gestoffeerde archief.”

"Met meer luister dan andere kringen droegen we onze opleiding ten grave, met bijdragen van proffen en bekende alumni, met humoristische lezingen en muziek. We staken er veel energie in en de Aula Pieter de Somer zat afgeladen vol."

“We waren een van de actiefste kringen binnen Letteren wat activiteiten betrof, waarbij ik onmiddellijk terugdenk aan de feestelijke ophef van de richting Germaanse talen in 2004, toen het Taal- en Letterkunde werd en je dus niet langer een combinatie moest maken van Nederlands, Engels en/of Duits. Met meer luister dan andere kringen droegen we onze opleiding ten grave, met bijdragen van proffen en bekende alumni, met humoristische lezingen en muziek. We staken er veel energie in en de Aula Pieter de Somer zat afgeladen vol.”

“De jaarlijkse terugkomdagen waren al even interessant, en ik hoop dat we ze in het nieuwe scenario kunnen blijven organiseren. De faculteit heeft nu het idee zulke nostalgische momenten te koppelen aan een interessante lezing met receptie achteraf. Daar zul je wellicht automatisch bij je medegermanisten belanden, een beetje zoals op een trouwfeest waar je niet iedereen kent. Ik zie dat dus perfect integreerbaar in centrale activiteiten en zou niet inzien waarom germanisten geen romanisten of historici zouden toelaten.”

“Een bijkomend voordeel is dat we met meer zullen zijn om te organiseren. In die zin zie ik een beetje angstig, maar vooral nieuwsgierig het nieuwe hoofdstuk tegemoet. Alumnivrijwilligers zullen niet langer gebalkaniseerd werken, maar schouder aan schouder.”

Monument in Letterentuin

“Natuurlijk begrijp ik de mogelijke teleurstelling bij sommige alumni. Net als ik voelen ze zich meer germanist dan taal-en letterkundige en blikken ze het liefst met die specifieke collega’s terug op de teloorgegane paradijselijke studiejaren. Maar als we met de kring waren doorgegaan, zouden we voor praktische moeilijkheden zijn komen te staan.”

“Al onze pogingen om vrijwilligers voor een volgend, slagvaardig bestuur te vinden zijn op niets uitgedraaid. We keken hiervoor onder meer richting ATL, waar de afgestudeerden van onze faculteit sinds 2004 terechtkunnen, maar die kring slaagde er niet in de jongste generatie te capteren. Ook wij zagen ons ledenaantal al jaren niet meer stijgen. Het is een beetje luguber om te zeggen, maar er vielen alleen maar mensen af. Ik wilde niet wachten tot wij met drie man en een paardenkop overbleven om over te gaan naar de nieuwe structuur.”

“Het moet nog blijken hoe goed het zal werken, maar in principe heeft het nieuwe KU Leuven Connect-platform de potentie om alumni samen te brengen. Zij moeten niet meer wachten op top-downinitiatieven, maar zelf de handen uit de mouwen steken. Wie vreest dat hij veroordeeld is tot een eenzaam bestaan, afgesneden van zijn studiegenoten, zal volgens mij ongelijk krijgen. Je zou zelfs gemakkelijker dan ooit met hen in contact moeten kunnen komen, en dat zonder nog lidgeld te moeten betalen.”

“Met wat de vereniging op haar spaarrekening overhoudt hebben we alvast een mooi plan: we vroegen Jos Geusens, nog een oud-germanist en nu steenhouwer, om een monument te ontwerpen dat we met veel luister in de Letterentuin willen plaatsen. Er zullen bekende versregels in gehakt zijn, in de drie Germaanse talen. En zo verzekeren we ons ook van een tastbaar aandenken vanwege alle erflaters van een opleiding die veel betekend heeft voor het onderwijs en de cultuur in binnen- en buitenland.”

Romanisten: Dagmar Vandebosch: “Ons Romaneske wordt te zeer gesmaakt door alumni én doctorandi om het op te geven”

“Wij doen voort, zelfs al is het against all odds”, glimlacht Dagmar Vandebosch, bestuurslid van de Vereniging van Leuvense Romanisten (VLR). “Sinds de omschakeling naar taal- en letterkunde rekruteren ook wij geen nieuwe alumni meer, waardoor ons huidige ledenaantal van ongeveer 250 stilletjes uitdooft.”

“Het gros van hen kijkt nog altijd erg uit naar de dag dat ons tijdschrift Romaneske verschijnt en reageert vaak op de inhoud. We doen dan ook enorm veel moeite om een mix te vinden van academische artikels en bredere stukken rond de Romaanse talen en cultuur. Het blad drijft dus zeker niet op nostalgie, maar op onderzoek gevoerd aan KU Leuven. De laatste tijd kozen we vaker voor themanummers, bijvoorbeeld rond vertaling, rond muziek en poëzie, of de 50ste verjaardag van Leuven ‘68.”

“Studenten met een goede masterproef mogen die in een stuk verwerken en veel doctorandi publiceren hun eerste artikel in Romaneske. Het is geen hoog-impactblad, maar vormt wel een dankbare opstap voor veel jonge onderzoekers. Zo leren zij meteen het tijdschrift kennen, waardoor we recent vers bloed vonden voor onze redactie. Dat gebeurde puur door de kracht van dit project, en alleen al daarom willen we onze vereniging absoluut voortzetten.”

Film en theater op academisch niveau

“Voor onze vroeger druk bijgewoonde activiteiten – een terugkomdag in het Erasmushuis in het voorjaar en een cultureel stadsbezoek in het najaar –  overwegen we een afgeslankte vorm. Voor sommige oudere leden werd zo’n dagprogramma te intensief, terwijl de jongere alumni een druk gezinsleven hebben en zich geen hele zaterdag kunnen vrijmaken. Maar waarom niet een namiddagbezoek aan een museum?”

“Het mooie was dat we altijd een meerwaarde boden door een academische insteek te nemen. Toen we bijvoorbeeld in Gent een tentoonstelling rond Maeterlinck bezochten, kregen we daar een introductie van een van onze proffen die van Belgische literatuur zijn levenswerk had gemaakt.”

"Het is een dankbare groep die we dankzij de flexibele, nieuwe communicatiekanalen vaker naar onze activiteiten willen lokken. Als we bij die mensen de passie voor taal en literatuur kunnen aanwakkeren, dan is dat toch prachtig?"

“In die zin juich ik de ideeën van de nieuwe facultaire stuurgroep toe om zulke expertise te koppelen aan een culturele activiteit. Ik ben zelf docent Spaanse literatuur en elke keer dat wij vanuit de opleiding een Franse theaterstuk bezoeken, een Spaanse filmavond of een lezing over Italiaanse literatuur organiseren, merken we dat er een publiek bestaat dat het apprecieert dat het niet zomaar een voorstelling komt bekijken, maar daarbij een extra inleiding of debat op hoog niveau krijgt. Die dienstverlening is een deel van onze opdracht en iets wat wij zeer graag bieden.”

“Eigenlijk verwacht ik veel van KU Leuven Connect, het nieuwe platform waarop wij met VLR meteen een eigen groep hebben aangemaakt, als eerste binnen de faculteit Letteren. Het stelt ons immers in staat om beter te communiceren met onze leden én met alumni die niet bij de vereniging aangesloten zijn, maar wel de interesse in de Romaanse talen en cultuur met ons delen. Het is een dankbare groep die we dankzij de flexibele, nieuwe communicatiekanalen vaker naar onze activiteiten willen lokken. Als we bij die mensen de passie voor taal en literatuur kunnen aanwakkeren, dan is dat toch prachtig?”

Classici: Bert Gevaert: “Wie weet blazen we de Alumnus Maximus of Cena Romana nieuw leven in”

“Toen ik tien jaar geleden aan boord kwam van het Classici Lovanienses-bestuur zat dat in een existentiële crisis”, vertelt Bert Gevaert, voorzitter van de kring van classici en oud-historici die ervoor kozen hun eigenheid vooralsnog niet op te geven. “Het was lang onduidelijk waar wij een meerwaarde konden bieden omdat het academische aanbod volledig was overgenomen door verenigingen zoals het Nederlands Klassiek Verbond of tijdschriften zoals Hermeneus.”

“Ik zegde toe om voorzitter te worden op voorwaarde dat ik carte blanche om nieuwe ideeën te bedenken. Vanaf 2014 opteerden we voor grote events, te beginnen met een spectaculaire Cena Romana in het Gallo-Romeins Museum in Tongeren. De hele avond baadde in een Romeinse sfeer. Iedereen was verkleed – ik als senator – er waren optredens van een buikdanseres, van re-enactors die we speciaal uit Slovakije overgevlogen hadden, en een dwergacteur die een gladiatorengevecht voerde. De 150 plaatsen waren in een mum van tijd uitverkocht.”

“In 2016 en 2018 volgden een Cena Celtica en een Cena Medievalis. Die bleven succesvol, al merkten we stilaan dat onze leden steeds moeilijker uit hun kot te krijgen zijn. We vinden ook geen nieuwe bestuursleden omdat dit type van vrijwilligerswerk veel vraagt bovenop een job en andere verantwoordelijkheden.”

“Tegelijk boert het ledenaantal achteruit. Daarbij helpt het niet dat we sinds de hervorming van 2004 moeilijk zicht krijgen op wie nu precies de oudheid bestudeert. Vroeger tekenden de Leuvense classici zich duidelijker af, met als bindende factor de interesse in de Griekse en/of Latijnse taal en cultuur. Mocht die link ooit verdwijnen, dan hoeft de kringwerking voor mij niet meer.”

Op z’n Grieks?

“Het is nu sterk afwachten wat de universiteitsbrede verandering concreet voor ons zal betekenen. Een positief teken dat ik alvast zie, is het feit dat enkele jonge alumni van de klassieke cultuur-vereniging Thiasos de redactie van ons bulletin zijn komen versterken. Zij gaan het vanaf nu uitgeven. Met de oude, harde bestuurskern waren we intussen van plan om dit jaar een grote Cena Graeca te organiseren, maar toen werden we lamgelegd door het welbekende virus. Eens dat is overgewaaid, pikken we de draad misschien weer op.”

“We overwegen verder om de Alumnus Maximus-verkiezing nieuw leven in te blazen. Sinds 2010 reiken we elk jaar die prijs uit aan een verdienstelijke afgestudeerde. Dat was al eens Guido Van Zielegem, die veel betekende voor de onvoorstelbare goede bibliotheek van klassieke talen op de zesde verdieping van het Eramushuis. Anderen keren waren het auteur Joris Tulkens, presentatrice Heidi Van Tielen en onderzoeker Koert Debeuf. Elke keer kwam er gemakkelijk 60 tot 80 man op af, die het allemaal leuk vonden om bij te praten op de receptie achteraf.”

“Wat de toekomst ook brengt, het zal in lijn moeten zijn met onze stijl. Wij zijn een groep kritische alumni met een fundamentele liefde voor de oudheid. Die eigenheid gaan we niet opgeven, want we zijn er trots op.”

Historici: Elke Close: “Wij verbinden onze alumni met geschiedenis op een andere manier dan podcast of boeken dat kunnen”

“De opleiding Geschiedenis vormt je voor de rest van je leven”, vindt Elke Close, sinds een jaar voorzitter van de Vereniging Historici Lovanienses (VHL). “Zelfs als je daarna in een andere sector gaat werken, blijf je in je vrije tijd bezig met historische ontdekkingen en ontwikkelingen. Als alumniwerking willen we tegemoetkomen aan die honger en de kennis van onze leden blijven vergroten.”

“Onze lezingen, twee keer per jaar, zijn voor onze alumni een goede manier om te weten te komen wat er vandaag leeft bij historische wetenschappers. We geven het woord aan zowel ervaren rotten als jongere collega’s. Zo kwam in 2019 Valérie Wyns van de onderzoeksgroep Oudheid heel geanimeerd vertellen over dwergen in de oudheid. Met dit soort aanbod proberen we onze alumni te blijven verbinden, of opnieuw te verbinden, met geschiedenis en dat op een andere manier dan dat podcasts of historische boeken dat kunnen. Onze leden zeggen ons dat ze dat appreciëren.”

“Wellicht om dezelfde reden lezen ze gretig ons driemaandelijkse tijdschrift Tijdingen. We krijgen geregeld spontane bijdragen van sommige onder hen. Het blad is bedoeld om een belangrijke alumnus in de schijnwerpers te zetten – in het verleden waren dat bijvoorbeeld hoogleraar Lode Wils en archivaris Marc Derez – om verslag uit te brengen van de reünies die VHL financieel ondersteunt, om leden historische boek- en filmreviews te laten publiceren of hun artikels over belangwekkende geschiedkundige onderwerpen.”

Internationale cantus

“We zijn op dit moment volop bezig alle afleveringen van Tijdingen, ook de wat oudere, beschikbaar te maken op onze website. We overwegen ook om onze lezingen te streamen en een blog te lanceren waarop leden in een iets informelere sfeer kleine bijdragen kunnen posten. Al die extra digitale initiatieven nemen we om meer jongeren bij onze werking te betrekken.”

“Voor hen zetten we op onze website ook vacatures – telkens een historische instelling of onderzoeksgroep een profiel zoekt dat past bij onze alumni – en bedenken we nieuwe concepten zoals het Alumnicafé. Zelf herinner ik me de eerste editie nog goed. Ik was pas terug van een lang werkverblijf in het buitenland en had veel van mijn historische vrienden een hele tijd niet meer gezien. We hebben toen spontaan een foto gemaakt en als ik die nu terugzie, krijg ik instant een warm gevoel.”

“Sowieso zijn wij een kring die houdt van gezellige bijeenkomsten en dus geregeld terugkomdagen en quizzen organiseert. Vorig jaar hielden we nog een cantus samen met de ISHA, de internationale vereniging voor studenten geschiedenis, die dat weekend een deel van haar leden te gast had in Leuven.”

“Om dat soort contacten warm te houden kan het nieuwe KU Leuven Connect ons zeker helpen. We zijn ook blij met het communicatieadvies en de andere vormen van ondersteuning vanuit de faculteit Letteren, maar blijven tegelijk graag ons eigen ding doen. Die levenslange passie voor geschiedenis deel je niet zomaar met iedereen, en we staan met onze goeddraaiende bestuursploeg klaar om die nog vele jaren aan te wakkeren bij onze meer dan 1.000 leden.”

Sinologen: Els Hedebouw: “Onze nieuwe, jonge voorzitster wil de passie van alumni voor China blijven prikkelen”

“Een masterstudent van bij ons heeft zopas de eerste prijs behaald op de prestigieuze Chinese Bridge welsprekendheidwedstrijd voor non-native speakers. Lucas Deckers schoot de hoofdvogel af, iets wat een andere studente uit onze opleiding, Sophie Matté, hem elf jaar geleden had voorgedaan. Zij kreeg toen de kans om Xi Jingping, de huidige president van China, te ontmoeten tijdens een werkbezoek aan België”, vertelt Els Hedebouw. Op het moment van dit interview rondde zij net haar termijn als voorzitter van Sinalumni, de vereniging van Leuvense sinologen, af.

“We stoppen onze fierheid over deze nieuwe winnaar niet onder stoelen of banken en wijden er met plezier een artikel aan in de Sinalumni-nieuwsbrief. Zo hopen we dat onze afgestudeerden terugdenken aan wat een goede opleiding ze hier in Leuven ooit zelf genoten. Sommigen kwamen in totaal andere jobs en werelden terecht, maar de meesten behielden de passie voor China waarin ze zich hier jaren uitgeleefd hebben. Met Sinalumni willen we die passie blijven of opnieuw stimuleren.”

“Het is ook de ambitie van onze nieuwe voorzitster die het binnenkort van mij overneemt: Elisabeth Erreygers, afgestudeerd in 2017. Het is erg belangrijk dat je als werking blijft evolueren, vandaar dat ik ook zo blij was toen nog niet zo lang enkele pas afgestudeerden onze nieuwsbrief een lay-outmatige opfrissing gaven. Ze laten een nieuwe wind waaien in onze vereniging.”

20ste verjaardag

“Wat goed is, gooit de jonge ploeg uiteraard niet overboord. Zo appreciëren veel van onze leden de inhoud van onze zesmaandelijkse nieuwsbrief. Daarin vinden ze niet alleen weetjes over wie er in onze achterban een kindje kreeg of trouwde, maar ook verslagen van China-reizigers, filmrecensies geschreven door een kenner van oosterse films, en vooral: interviews met recent of minder recent afgestudeerde sinologen. We vragen hen naar wat ze aan de opleiding gehad hebben en waar ze nadien terechtkwamen. Hun antwoorden zijn vaak zo verrassend dat we ze gebruiken op onze infodagen om middelbare scholieren te tonen tot wat een studie Sinologie allemaal kan leiden.”

“Eens ze bij ons dat diploma hebben gehaald, maken jonge alumni dankbaar gebruik van de jobaanbiedingen die wij hen bezorgen. Soms vinden ze die niet via de traditionele kanalen, maar dus wel via Sinoserv, onze mailinglist naar alle kringleden met daarin ook nieuws over onderzoek, leestips of uitnodigingen. Als docent Modern Chinees kan ik tegen een voordelige prijs mijn studenten een heel jaar een online Chinese krant laten lezen en via Sinoserv laat ik al een paar jaar iets weten als ik abonnementen over heb. Dit jaar, was er meteen veel interesse. Zeker twintig alumni zagen het als de uitgelezen kans om hun Chinees bij te schaven.”

"Die blijvende interesse voelen we ook telkens we op de achtste verdieping van het Letterenhuis verzamelen blazen voor onze jaarlijkse lezing."

“Die blijvende interesse voelen we ook telkens we op de achtste verdieping van het Letterenhuis verzamelen blazen voor onze jaarlijkse lezing. In 2018 kwam VRT-journalist Stefan Blommaert spreken, in 2019 vertaler Mark Leenhouts. Sommige leden maken er een Leuven-dagje van samen met twee of drie jaargenoten. Door corona is onze 2020-editie uitgesteld, maar omdat we volgend jaar ons twintigjarig bestaan vieren, zullen we dat goedmaken en extra feestelijk organiseren.”

“Ik ben positief over de nieuwe facultaire plannen en KU Leuven Connect. Dat lijkt me absoluut een goede tool om contacten te blijven leggen, ook internationaal en over de alumniverenigingen heen. Maar de gemiddelde sinoloog zal zich minder goed thuisvoelen in een te ruim kader. Die wil graag de band met China en die kleine, hechte gemeenschap van mensen met dezelfde passie blijven voelen. Dat is dan ook waarom we na goed overleg ervoor gekozen hebben om niet op te gaan in de grote facultaire werking, maar onze eigen Sinalumni te behouden.”

Japanologen: Lothar Spillemaekers: “De achterban die wij zo zorgvuldig opgebouwd hebben, willen we niet weer kwijt”

“De meeste japanologen beginnen aan hun studie met een passie die vaak veel groter is dan in andere richtingen. Het gevoel dat we ervoor moeten gaan, is heel sterk”, vertelt Lothar Spillemaekers, voorzitter van Nippon Alumni Leuven. “Tegen de tijd dat je uiteindelijk met een tiental afstudeert, zoals ik deed in 2013, is er een sterke samenhorigheid gegroeid.”

“Jammer genoeg zwermen die afgestudeerden daarna alle richtingen uit. Een deel gaat in Japan wonen en werken, zoals een collega van ons die er een theewinkel begon. Je moet het maar doen, daar als buitenlander gaan ondernemen en dan nog in een sector waarin de lokale concurrentie enorm is… Anderen blijven in België om bijvoorbeeld in een museum te gaan werken of ze belanden, zoals ik, in de meer prozaïsche job van belastingadviseur.”

“In 2018 hebben we onze alumnikring opgericht precies om iedereen na al dat uitvliegen weer bij elkaar te brengen. Er is dan altijd veel om over te praten: de huidige jobs, het afgelegde parcours, maar ook de docenten van wie we allemaal les kregen.”

“Emeritus professor Willy Vandewalle spant de kroon, want hij bouwde destijds ons departement Japanologie uit. We waren heel blij dat hij vorig jaar een presentatie wilde geven op ons Back To School-event. We begonnen met taalvideo’s te bekijken, alumni en docenten samen, omdat die nog gebruikt waren tijdens onze studies en we het heel grappig vonden om die terug te zien. Daarna volgde een quiz. Het werd een geslaagde avond waarop we 70 alumni samenbrachten, ons hoogste deelnemersaantal tot nu toe.”

Sake-tasting

“In tegenstelling tot sommige andere kringen hebben wij natuurlijk niet zo’n grote vijver om uit te vissen, en dankzij hun buitenlandse avonturen zijn onze alumni sowieso niet gemakkelijk terug te vinden. Misschien zal KU Leuven Connect ons hierbij helpen, al rekenen we er vooral op dat het woord zich stilaan onder de japanologen verspreidt.”

“We kiezen bewust uiteenlopende thema’s voor de drie, vier activiteiten die we per jaar organiseren, dan kan iedereen zijn gading vinden. Wie niet zo sportief is, kwam bijvoorbeeld niet naar onze sessie over naginata, een speer die door de samoerai werd gebruikt, maar wel naar onze sake-tasting. Daar kregen we de kans om verschillende types rijstwijn te degusteren en erover bij te leren dankzij Hans Rubens die uitleg uit eerste hand gaf. Hij heeft als brouwer in Japan gewerkt, is nu commercieel directeur bij brouwerij Het Anker in Mechelen en is een alumnus van onze faculteit. Hij illustreert perfect hoe je als japanoloog je carrière in allerlei richtingen kan ontwikkelen.”

“Bij zulke activiteiten proberen we ook de studenten te betrekken zodat zij beseffen dat dat soort jobprofielen tot de mogelijkheden behoren. Vaak denken ze dat ze in een museum of ambassade zullen terechtkomen en staan ze er niet bij stil hoeveel andere, interessante opties er zijn. Na twee jaar Nippon Alumni kan ik zeggen dat wij ook wie al aan de slag voordelen kunnen bieden. Onze events zijn uitgelezen kansen om je netwerk te versterken en te vergroten.”

“Nadat we vorig najaar de tentoonstelling ‘Cool Japan’ in het MAS hadden bezocht en daar een rondleiding hadden gekregen van een alumna die daar nu conservator is, bleven we met een tiental mensen over. Met zo’n klein groepje kun je gemakkelijk op café, wat we ook deden en waarbij ik weer mensen leerde kennen die ik nog niet had ontmoet. We krijgen goede feedback op zulke initiatieven dus ik weet dat we op de goede weg zijn. Op zich staan we positief tegenover de nieuwe facultaire alumniwerking, maar de achterban die we nu zo zorgvuldig opgebouwd hebben, willen we niet weer kwijt.”

Campus Sint-Andries Antwerpen: Karen Foelen: “Wat is er leuker voor alumni dan dat oud-docenten voor hen tappen?”

“Ik vind het heel mooi dat we in de toekomst nog meer gedragen zullen worden door de faculteit Letteren”, zegt Karen Foelen. Ze is voorzitter en penningmeester van STAy, de kring voor Letteren-alumni van KU Leuven campus Antwerpen en de vroegere KVH, Lessius en Thomas More. De naam verwijst naar de kernlocatie in de wijk Sint-Andries.

“We zullen extra ondersteuning krijgen bij onze communicatie en het beheer van onze databank, en daarnaast mogen we een eigen webpagina vormgeven op het KU Leuven Connect-platform. Die meer geïntegreerde werking zal ons toelaten om meer dan we nu kunnen te focussen op het inhoudelijke. We nemen daar in het bestuur een extra trekker voor aan. Terwijl we vroeger altijd werkten met één STAy-voorzitter kiezen we nu voor een tandem van iemand die zich toelegt op de netwerkevents en iemand anders die het aanbod aan lezingen verder uitbouwt.”

“We organiseren al langer de reeks ‘Lessen voor de 21ste eeuw’, rond uiteenlopende thema’s, en de kringleden kunnen daaraan deelnemen met korting. Daarnaast mogen ze geregeld helemaal gratis naar bijvoorbeeld een college van een buitenlandse gastspreker die is uitgenodigd door een van mijn collega-docenten.”

“Het blijft belangrijk om dat soort banden met alumni te smeden, onder meer omdat zij veel kunnen teruggeven. Ze bieden bijvoorbeeld vrij actief stageplaatsen voor onze studenten aan, zetelen in een van onze klankbordgroepen of dragen hun steentje bij aan de uitstroombegeleiding. In ons jaarlijkse jobtraject komen ze dan onze laatstejaars, die als tolk of vertaler, journalist of meertalige communicator aan de slag willen, wegwijs maken in het zelfstandigenstatuut.”

Gezelligheid behouden

“De eerlijkheid gebiedt me wel om te zeggen dat onze alumni vooral in groten getale afzakken naar onze netwerkmomenten. Zo herinner ik mij een bomvolle Sint-Andrieskerk bij ons 40-jarige jubileum. Heel leuk was dat we toen een alumnus konden terugvragen in zijn hoedanigheid van zanger bij Voice Male, dat die avond een gesmaakt optreden heeft gegeven.”

“Maar ons beste recept is toch dat van de jaarlijkse alumni-avond. We merken dat onze afgestudeerden na acht à tien jaar willen beginnen terugkomen naar hun oude campus. Wij als kringbestuur zorgen er dan voor dat er studenten en docenten klaarstaan om rondleidingen te geven zodat de deelnemers kunnen zien wat er geëvolueerd is en wat nog geen haar veranderd is.”

“Waarna een zeer gezellig samenzijn volgt. Omdat we zo’n diversiteit aan talen onderwijzen, zetten we die op zo’n reünie-avond in de kijker met een landenbuffet. Er zijn dan bijvoorbeeld Italiaanse pasta’s, Franse kazen, Engelse custard, Spaanse paëlla en Russische borsjt te krijgen. Het beste van al is dat oud-docenten achter de eetstandjes staan en hun voormalige studenten bedienen.”

“Die vonden dat telkens zo leuk dat we ook al eens een proffentap organiseerden. In onze fakbar konden de alumni afwisselend hun oud-docent van Duits, Nederlands of andere talen aan het werk zien. Geef toe, wat is er nu leuker dan dat je voormalige proffen voor jou tappen?”

“Die sfeer is typerend voor STAy. Ook als we de Prijs Maria Barones Verstraeten uitreiken, als waardering voor de beste masterproef, of de Prijs Hans-Werner am Zehnhoff, als erkenning voor de beste scriptie in het Duits, heeft de avond eerst een officieel cachet, maar al snel wordt de sfeer heel gemoedelijk.”

“Precies die banden willen we in de toekomst behouden. We hebben al een hele geschiedenis van inkantelingen achter de rug en de rode draad voor onze alumni is die Antwerpse campus waarmee ze nog feeling hebben. Die eigenheid blijven we omarmen terwijl we ons met plezier inschrijven in het grotere Letteren-verhaal.”

Interview: Katrien Steyaert


Ander nieuws